Boek (onderzoek)

In de zomer van 1987 kwam ik voor het eerst in contact met de prostitutie doordat ik een vriendin had die door haar vriend met geweld de prostitutie ingeslagen werd. Alhoewel ik haar op dat moment niet kon helpen, hield ik wel contact met haar en was ons contact intensiever dan ooit. Binnen twee weken lukte het haar om te vluchten en deed zij aangifte bij de politie. Het bleek dat zij geen aangifte kon doen: ze was meerderjarig en het werd om die reden een probleem in de relationele sfeer genoemd. Ook van haar familie hoefde zij geen enkele hulp te verwachten. Haar pooier kon haar met een gerust hart aan het werk zetten omdat hij wist dat zij nergens terecht kon. In deze periode kwam ik vaak op haar werk. Ze zorgde ervoor dat ze zo weinig mogelijk verdiende, in de hoop dat hij haar aan de kant zou zetten. ‘Hij kan mij weliswaar dwingen de hoer te spelen, maar hij kan mij niet dwingen om klanten met een glimlach binnen te lokken, om klanten tevreden naar huis te laten gaan en te zorgen dat ze terugkomen’, vertelde mij meer dan eens. ‘Ik kan niet doen alsof.’

Via haar leerde ik ook andere meiden kennen. Eén van die meisjes had een relatie met een van de broers van een Haagse beruchte pooierfamilie. Het waren pooiers die we nu ‘loverboy’ zouden noemen, maar die term bestond destijds nog niet. Pooiers die het meisje via een liefdesrelatie en manipulatietechnieken de prostitutie inlokten. Een van die pooiers had zijn nieuwe vriendin meegenomen naar één van de prostitutiestraten zodat ze met wat vrouwen kon praten om te kijken of het werk ook iets voor haar was. Ik was daar ook op dat moment en we raakten aan de praat. Ze vertelde mij dat haar vriend alleen nog de relatie wilde voortzetten als zij voor hem ging werken. Ook vertelde ze mij dat ze 500 gulden per dag moest verdienen omdat ze anders klappen zou krijgen. Ze vroeg mij wat ze moest doen. Ik heb het haar afgeraden en gezegd dat dit geen liefde is. Een paar dagen later zag ik haar achter het raam staan en ze had haar eerste gebroken neus al te pakken. Dit was iets heel anders dan wat mijn vriendin meemaakte. Gefascineerd vroeg ik mij af hoe het toch mogelijk was dat deze meisjes bereid waren alles doen om een relatie in stand te houden. Dit zorgde ervoor dat ik de wereld van de prostitutie wilde begrijpen.

In januari 1989 leerde ik Sjaak L. kennen. Hij werd door de pooier van mijn vriendin als het Paard van Troje binnengehaald en daarmee schreef deze pooier argeloos zijn eigen ondergang. Nadat we samen mijn vriendin hebben kunnen helpen, besloten we ook andere meiden uit de prostitutie te halen. Alhoewel we zagen dat het voor vele meiden een keuze was, konden we het desondanks toch nog niet helemaal geloven. ‘Het moet wel dwang zijn, we moeten iets over het hoofd zien, deze keuze maak je niet zomaar’, zo dachten wij. We vingen deze meiden op en boden hen eten en onderdak. Ze hoefden niets te betalen, want we gunden hen een beter leven en wilden hen een menswaardig bestaan geven. Stuk voor stuk belden ze na twee dagen hun pooier met de vraag of ze alsjeblieft terug mochten komen. Ze wilden dan wel weten of hij nog boos was. Als hij beloofde dat hij niet meer boos was, pakten ze hun spullen en gingen ze terug naar hun oude bestaan. Wij hebben hen laten gaan en hun keuze gerespecteerd. Nu stellen we ons de vraag: wat is een beter leven? Is dat wat wij in gedachten hebben? Leven naar onze normen en waarde? We ontdekten dat ‘een beter leven’ een relatief begrip is dat voor iedereen een andere betekenis heeft.

Jarenlang ben ik heen en weer geslingerd tussen dwang & geen dwang, dwang & keuze, dwang & vrijwillig, voorkomend uit mijn onvermogen om buiten het eigen referentiekader te denken. Dankzij de BDSM-scene en de verwoording waarmee zij hun gevoelens tot uitdrukking kunnen brengen, leerde ik steeds meer ‘out of the box’ te denken. Dit heeft mij enorm geholpen bij het uitvoeren van dit onderzoek. Alles bij elkaar genomen heeft het toch nog 23 jaar (tot eind 2010) geduurd voordat ik eindelijk konden zeggen dat ik iets van de prostitutiewereld begrijp.

Wat ooit begon als een persoonlijke fascinatie is uitgegroeid tot een specialisme in de prostitutie, loverboys en de BDSM-scene. Via een sociologische, psychologische en filosofische benadering hoop ik de onderliggende en dieperliggende psychologische mechanismes en strategieën die aan de pooier/prostituee-verhouding ten grondslag liggen bloot te leggen en inzichtelijk te maken.